Het volgen van een studie aan een hoge school of universiteit kost geld maar levert ook wat op. Iedereen betaalt hier aan mee; ook mensen die zich nooit zullen inschrijven als student. De slager betaalt voor de arts en advocaat in opleiding, en profiteert van deze investering als hij ziek wordt of gerechtelijke hulp nodig heeft. De student investeert op zijn beurt in zijn of haar eigen toekomst; in de hoop zichzelf te ontwikkelen in een (zelfgekozen) beroep of richting. Afgestudeerden hebben bovendien kans op een op een uitdagende baan met een goed salaris, waarmee de keuze voor het hoger onderwijs zeer aantrekkelijk wordt.
Het aspect van de persoonlijke ontwikkeling gedurende de studietijd heeft in de discussie rondom de bezuinigingen in het hoger onderwijs een haast mystische status bereikt. Immers, een werkgever zit niet alleen op kennis te wachten, maar wil ook de nodige maatschappelijke betrokkenheid en sociale en organisatorische vaardigheden bij de sollicitant zien. Daarbij ben je na vier jaar hoger onderwijs nog maar een jaar of 22 jaar oud en – volgens velen – wel erg jong om de arbeidsmarkt te betreden. De studie wordt daarom vaak verlengd met een aantal jaren. Menig student wordt actief binnen een studievereniging of studentenvereniging, maakt een reis, loopt stage in het buitenland of ‘doet’ een jaartje bestuurservaring. Veelal worden deze activiteiten bekostigd via beurzen, subsidies of een studentenlening.
Voor sommige studenten zullen deze activiteiten daadwerkelijk voor de geprezen ontwikkeling zorgen; als ex- bewoner van diverse studentenhuizen heb ik echter ervaren dat de bijeenkomsten van jaarclubs, disputen en besturen vooral voor veel gezelligheid en nog meer studievertraging zorgen. Hoewel de slager profiteert van goed opgeleide docenten, politici, artsen en advocaten, hoeft hij niet mee te betalen aan de borreltijd van studerend Nederland. Mbo-studenten zoals toekomstig slagers, bakkers en verpleegsters krijgen immers ook geen extra studiejaren -en geld om zich te ontwikkelen op het maatschappelijk vlak. Zij doen naast hun studie bestuurservaring op bij de scouting of voetbalvereniging en betalen zelf hun reis naar het buitenland, die hen de nodige ontwikkeling verschaft.
Uiteraard kan er in het hoger onderwijs de nodige studievertraging ontstaan. Op kamers gaan wonen in combinatie met een moeilijke studie aan een hoge school of universiteit en een druk sociaal leven vergt veel van een mens. Meerjarige studievertraging hoeft echter niet te worden betaald door de samenleving, maar door de student zelf. Daarbij kan de nodige studiedruk een stimulans geven en meer snelstudenten en daarmee echte doorbijters te creëren.
Tot slot; een afgestudeerde loodgieter of verpleegster is een jaar of 19 oud als hij of zij gaat werken.
Geschreven door geschiedenisstudent, die binnen vier jaar haar bachelor en master haalde, en daarnaast (vrijwilligers)werk deed.
5 Reacties
Ik ben het inderdaad met je eens dat de maatschappij niet voor jaarclubs of feutentijden hoeft te betalen. Wat ik persoonlijk nog mis in je relaas is de praktische financieele kant die voor veel studenten ook op dit moment al niet op te brengen is, waardoor men dus móet gaan werken tijdens de studie en hierdoor sowieso vertraging oploopt. Studeren en het financieren van dit studeren moet gelijktijdig kunnen – niet alle studenten hebben ouderlijke eenheden die bereid of capabel zijn de kosten of zelfs een deel van de kosten te dragen.
Met de aanstaande maatregelen wordt dit alleen maar nóg moeilijker gemaakt. En worden zaken als jaarclubs en studentenverenigen nóg meer een ‘ding’ van de elite. (Omdat alleen deze groep het extra lang studeren kan opbrengen.)
Maar het allergrootste probleem is natuurlijk dat ook voor her-studeerders of deeltijdstudenten (hoe werkt dat dan?) de toelating onmogelijk wordt. Ik wilde namelijk nog een master gaan volgen aan de UvA, maar dat kan ik nu wel vergeten, qua toelating. Welke universiteit neemt mij aan als ze er meteen een boete van 3.000 euro voor krijgen? (En dan gaan we maar even lekker positief er vanuit dat ik überhaupt de eerste 3.000 euro voor het collegegeld zou kunnen opbrengen
)
Overigens geschreven voor een literatuurstudent, die binnen vijf jaar haar twee bachelors en een researchmaster haalde, en daarnaast werkte en vooral níet in een jaarclub of studentenvereniging zat
Here here.
Mag ook wel eens gezegd worden. In Engeland creërt het zeker doorbijters. Daar is meer respect voor het feit dat niet studeren betekent dat je op je 16e begint met werken.
Helemaal mee eens. Je zult toch als student je best moeten doen, je studie zo snel mogelijk af te ronden. Je studeert wel op kosten van de gemeenschap. Natuurlijk is er een aantal uitzonderingsgevallen, b.v. ziekte, sterfgeval binnen de familie waardoor er studievertraging kan ontstaan.
Hear hear!
Langstudeerders kosten de ‘belastingbetaler’ niet meer geld dan snelle studenten. Universiteiten krijgen een vergoeding per student voor de officiële duur van de studie – gebaseerd op het aantal uitgereikte MA-diploma’s. Ook doen ze per saldo niet een groter beroep op de middelen van de universiteit. Zeker als we aannemen dat ze hun tijd steken in verenigingen en feesten.